Het zijn weer hoogdagen voor de liefhebbers van het sci-fi- en superheldengenre (en ja, daar ben ik dus bij)! Het begon al in maart al met Project Hail Mary, waarin Ryan Gosling moet samenwerken met een buitenaards wezen (dat voor de verandering nu eens niet gewoon twee armen en twee benen, twee ogen en twee oren heeft) om de wereld te redden, gebaseerd op het gelijknamige boek van Andy Weir (die je vast nog kent van The Martian).
Daarna volgde in mei The Mandalorian and Grogu, de nieuwste Star Wars-film. De film deed het niet slecht in de zalen, maar toch een stuk minder goed dan de makers gehoopt hadden. Dat lag niet zozeer aan de film, maar aan de stevige concurrentie. In de States moest de film het namelijk opnemen tegen Obsession en Backrooms, twee succesvolle horrorfilms. The Mandalorian and Grogu is een Star Wars-spin-off, een vervolg op de succesvolle Disney+-reeks The Mandalorian met Pedro Pascal in de titelrol.
Begin juni kregen we Masters of the Universe. Aanvankelijk was ik niet van plan om deze film in de bioscoop te gaan bekijken, maar een verrassend hoge score van 7.1/10 op IMdB én een positieve mini-review van een Facebookvriend wisten me te overtuigen. Masters of the Universe is de live action origin story van He-Man en is een spin-off van de populaire animatieserie uit de jaren 80.
Maar het hoogtepunt van het jaar moet toch de film worden die bij ons op 10 juni in de zalen kwam, de langverwachte nieuwe Steven Spielberg-film: Disclosure Day. De film gaat door op hetzelfde thema van eerdere Spielberg-kaskrakers als Close Encounters of the Third Kind (1977) en E.T. the Extra-Terrestrial (1982): de Aarde krijgt bezoek uit de ruimte. Een geheime (Amerikaanse) overheidsorganisatie heeft al jarenlang bewijzen van buitenaardsen én hun technologie in handen, maar houdt dat voor de bevolking verborgen. – Ik blijf het merkwaardig vinden dat die buitenaardsen over immens geavanceerde technologie beschikken die hen in staat stelt de onvoorstelbaar grote afstanden tussen de sterren te overbruggen, om dan uiteindelijk altijd weer in een maïsveld in ergens in het midden van de VS te crashen...
Maar daarmee is de filmzomer nog maar net begonnen. De komende maanden staan nog een aantal releases gepland die ik beslist op een zo groot mogelijk scherm wil gaan bekijken: in juli nog Supergirl en Spider-Man: Brand New Day, in augustus The End of Oak Street en later op het jaar, in november, The Hunger Games: Sunrise on the Reaping. Ook The Odyssey, geen sci-fi maar een verfilming van het beroemde epos van de Griekse dichter Homeros, is er eentje om in het oog te houden. Die film komt half juli in de zalen.
Weer heel wat om naar uit te kijken, dus!




























In Ready Player One, de jongste film van Steven Spielberg, worden we ondergedompeld in het wereldje van online gaming. Maar niet zoals dat vandaag de dag bestaat. Het verhaal speelt zich af in de niet zo verre toekomst, het jaar 2045, waar zowat iedereen dagelijks heel wat uurtjes doorbrengt in Oasis, een virtual reality-omgeving. Een groot deel van de bevolking leidt een saai, armoedig bestaan en gebruikt Oasis als uitlaatklep.
In die laatste categorie zit de muziek die Williams in 1990 schreef voor The E.T. Adventure, de darkride in de Universal Studios waar je als bezoeker op vliegende fietsen boven de buitenwijken van L.A. én boven E.T.’s thuisplaneet kunt rijden. We hebben de attractie een paar keer kunnen bezoeken, erg leuk!

Vorig jaar vierden we 50 jaar Star Trek. Als je weet dat de originele Star Trek-tv-serie al na drie seizoenen gecanceld werd, dan mag het een klein mirakel heten dat de reeks anno 2017 nog (of weer?) springlevend is. Sedert begin deze week zijn namelijk op Netflix de eerste twee afleveringen van de nieuwste spinn-off, Star Trek: Discovery, te bekijken.