Posts tonen met het label e-books. Alle posts tonen
Posts tonen met het label e-books. Alle posts tonen

zaterdag 7 maart 2020

Kobo Libra H2O

Begin december kocht ik een nieuwe e-reader, de Kobo Libra H2O. Het toestel kreeg uitstekende reviews waardoor mijn verwachtingen erg hoog lagen. Inmiddels heb ik er al heel wat op gelezen, en die hoge verwachtingen werden volledig ingelost. Ik heb nog niets negatiefs kunnen ontdekken. Ik ben dan ook bijzonder blij met mijn nieuwe toestel.

In vergelijking met mijn oude e-reader, de Sony PRS-650 uit 2010, is het een hele verbetering. De tekst is haarscherp. Ik vond mijn Sony al erg aangenaam in gebruik, veel beter dan de twee toestellen die ik met wedstrijden gewonnen had (een Nook Simple Touch van Barnes & Noble en een Icarus Pocket), maar op mijn nieuwe Kobo is het lezen nóg aangenamer.

Een van de nieuwe dingen waar ik het blijst mee ben, is de achtergrondverlichting. Ondertussen ben ik al wat jaartjes ouder, en mijn ogen zijn niet meer zo goed als vroeger. Daardoor heb ik nu meer moeite met kleine letters en ook met lezen bij minder licht. Dankzij de achtergrondverlichting (waarvan de intensiteit snel en eenvoudig aan te passen is door aan de linkerrand van het scherm op en neer te vegen), is dat probleem volledig van de baan.

Mijn Sony had zo’n ingebouwde verlichting niet. Als het te donker was, kon ik een extern leeslampje op een flexibele arm gebruiken dat ingebouwd zat in de rug van het beschermhoesje. Dat was doenbaar, maar zag er wat vreemd uit. De achtergrondverlichting van de Kobo is stukken comfortabeler, en laat me toe om langere tijd probleemloos te lezen, ook in duistere omgevingen. Zalig gewoon. Nadeel is wel dat de batterij wat eerder leeg is, maar al bij al gaat de batterij nog steeds heel lang mee. In tegenstelling tot een smartphone of een tablet hoef je dus niet om de haverklap naar een stopcontact te zoeken.

Kobo Libra H2O

Ook een pluspunt is de synchronisatie met alle boeken in mijn Kobo-account (ook de boeken die ik bij Bol.com aangekocht heb). De Nook had ook al wifi, een webbrowser en synchronisatie met Barnes & Noble, maar aan dat laatste had ik niks, want ik koop al jaren mijn e-boeken voornamelijk bij Kobo of bij Bol. Mijn oude Sony had helemaal geen internetverbinding. Dankzij de wifi in mijn nieuwe e-reader kan ik nu tijdens het lezen, zonder de pagina te verlaten, een woord rechtstreeks opzoeken op Google of op Wikipedia, reuze handig.

Nóg een handigheid is de mogelijkheid om niet alleen e-boeken, maar ook artikels die ik op het internet vind, op mijn e-reader te lezen. Daarvoor heb ik eerst een Pocket-account moeten aanmaken. Wanneer ik met mijn computer of mijn smartphone op het web aan het surfen ben, kom ik vaak een interessant artikel tegen. Soms zijn die artikels nogal lang, waardoor ik ze eigenlijk liever wil opslaan voor later. Dat kan met Pocket. De Kobo Libra H2O beschikt over de mogelijkheid om te koppelen met mijn Pocket-account. Op die manier kan ik de opgeslagen artikels ook op mijn e-reader lezen, terwijl ik gewoon lekker op de bank zit, of op de trein.

Wanneer ik thuis of op de trein zit te lezen, houd ik het toestel meestal met beide handen vast, maar ik heb ook al dankbaar gebruik gemaakt van de mogelijkheid om het blauwe origami-hoesje dat ik samen met mijn toestel heb gekocht, als boekensteun te gebruiken om zo handenvrij te lezen. Als je in een tearoom je handen nodig hebt om in je koffie te roeren of een chocolaatje uit het papiertje te halen, dan hoef je daarmee geen tijd te verliezen en kun je op die manier gewoon verder lezen. (Misschien vind je dat wat overdreven, maar ik wil mijn tijd altijd optimaal gebruiken, het leven is al kort genoeg!)

Ik heb ook al staande gelezen, terwijl ik ergens in een wachtrij stond aan te schuiven. Ik houd het toestel dan met één hand vast aan de brede zijrand, met mijn duim op de knop waarmee je naar de volgende pagina gaat. Na een tijdje wordt dat een beetje vermoeiend en wil ik van hand wisselen. Geen probleem: ik draai het toestel dan gewoon om, zodat de brede rand en de knoppen naar de andere kant verhuizen en ik het toestel in de andere hand kan houden. De inhoud van het scherm roteert automatisch mee, en de knoppen voor volgende en vorige pagina wisselen van functie. Hier is duidelijk erg goed over nagedacht, die brede rand is echt wel handig.

Het is duidelijk: dit toestel is een uitstekende aankoop geweest, waar ik nog lang plezier aan zal beleven.

getpocket.com
gl.kobobooks.com/products/kobo-libra-h2o
www.kobo.com

vrijdag 6 december 2019

Tijd voor een nieuwe e-reader!

Ruim negen jaar geleden kocht ik mijn eerste e-reader, een Sony PRS-650 waar ik al die jaren veel plezier aan heb beleefd. Maar het werd hoog tijd voor een nieuw toestel. Ik was al een tijdje aan het uitkijken, maar ik kon maar niet beslissen wat mijn nieuwe e-reader zou worden. Nu heb ik de knoop doorgehakt. De onlangs uitgekomen Kobo Libra H2O kreeg de ene lovende review na de andere, en het toestel sprak me heel erg aan. Die is het dus geworden. Sedert vandaag heb ik ’m in huis.

Kobo – tegenwoordig Rakuten Kobo – kende ik al een hele tijd. Het bedrijf maakt al enkele jaren e-readers, maar is reeds veel langer actief als verkoper van e-books. Omdat ik al sedert het begin voornamelijk Engelstalige e-books koop, was ik in mijn speurtocht naar e-books vrij snel bij Kobo uitgekomen. Kobo heeft ook een lees-app die je op je smartphone of tablet kunt installeren. Ik heb ook andere apps uitgeprobeerd, maar die van Kobo vind ik het prettigst om te lezen.

Het grote voordeel van de app (en van mijn nieuwe Libra H2O) is, dat je de bij Kobo of bij Bol.com aangekochte e-books meteen naar je toestel kunt downloaden, en dat je leesactiviteit gesynchroniseerd wordt met je andere toestellen. Zo kan ik bijvoorbeeld een boek dat ik ben beginnen lezen op mijn tablet, gewoon verderlezen op mijn smartphone. De app weet aan welke pagina ik gekomen ben. Nu gebeurt die synchronisatie dus ook met mijn Libra H2O.

Tegenwoordig is dergelijke functionaliteit vanzelfsprekend, maar dat was het allerminst toen ik negen jaar geleden mijn Sony PRS-650 kocht. Dat toestel had geen wifi aan boord, en om er een e-book op te zetten moest je het toestel met een usb-kabeltje verbinden met de computer. Ik moest dus eerst mijn aangekochte e-books downloaden naar mijn computer en vervolgens via Adobe Digital Editions kopiëren naar mijn e-reader. Die Adobe-software was nodig omdat e-books doorgaans voorzien zijn van Adobe-DRM. Dat is een poging van de e-book-uitgevers om piraterij te voorkomen, maar de eerste de beste amateur-hacker haalt die DRM-beveiliging er in een handomdraai af. Erg effectief is zo’n ‘beveiliging’ dus niet, en het is alleen maar een ergernis voor de reguliere gebruiker.

In een eerder artikel schreef ik al dat ik die DRM er zelf ook altijd afhaal, om verschillende redenen: in de eerste plaats wil ik kunnen beschikken over een DRM-vrije versie van al mijn aangekochte e-books, zodat ik de bestanden op gelijk welk toestel en met gelijk welke software kan lezen; in de tweede plaats is de typografie in sommige e-books van een zodanig slechte kwaliteit dat ik niet aan de drang kan weerstaan er zelf eerst de nodige aanpassingen aan te doen, zodat ik mij straks niet meer moet ergeren tijdens het lezen. Dat laatste is wellicht beroepsmisvorming van mijn kant – ik werk al jarenlang in het boekenvak en hecht daardoor een bijzonder groot belang aan een tot in de puntjes verzorgde typografie. Wil je hier meer over weten, (her)lees dan eens mijn artikel uit 2010 over typografie in e-books.

Maar goed, nu wat meer over mijn nieuwe e-reader. Zoals alle moderne e-readers beschikt de Kobo Libra H2O over wifi. In tegenstelling tot vroeger heb ik daardoor in principe geen computer meer nodig om met de e-reader te kunnen werken. Ik kan e-books direct met het toestel aankopen in de e-bookstores van Kobo én van Bol.com, want dankzij de samenwerking tussen beide bedrijven zijn mijn Kobo- en Bol.com-accounts aan elkaar gekoppeld. De aangekochte boeken kan ik direct naar mijn nieuwe toestel downloaden. Eenmaal gedownload heb ik geen internetverbinding nodig om te lezen. Op het moment dat die verbinding er wel is, kan mijn leesactiviteit gesynchroniseerd worden met mijn eventuele andere toestellen en apps.

Het toestel beschikt over een 7-inch-scherm met een resolutie van 1680 × 1264 pixels. Dat is een hele verbetering ten opzichte van mijn Sony, met zijn 6-inch-scherm met 800 × 600 pixels. De Sony was ook afhankelijk van een externe lichtbron (want een e-ink-scherm geeft uit zichzelf geen licht, in tegenstelling tot het led-scherm van een tablet of smartphone); mijn nieuwe Kobo heeft ingebouwde voorgrondverlichting. De kleurtemperatuur kan naar eigen voorkeur ingesteld worden voor een optimaal leescomfort. Ondanks de iets grotere afmetingen is mijn nieuwe e-reader toch zo’n 10% lichter dan mijn oude.

Met het toestel kan ik ook boeken in het ePub3-formaat lezen, een specificatie die nog niet bestond op het moment dat ik mijn eerste e-reader kocht. In de praktijk wordt nog erg veel gebruik gemaakt van de oudere ePub2-standaard, maar de mogelijkheid om ook ePub3 te gebruiken, is natuurlijk een plus. Zeker voor iemand als ik, aangezien ik zelf ook mijn eigen ePub-bestanden creëer en de nieuwe mogelijkheden van ePub3 eens wil kunnen uittesten.

De Kobo Libra H2O is beschikbaar in twee kleuren: wit en zwart. Ik heb voor de witte variant gekozen. Mooi meegenomen, maar voor mij niet noodzakelijk, is dat het toestel tegen een spatje water kan. Na een uur onder water op twee meter diepte zou het nog steeds moeten werken. Om mijn toestel te beschermen, heb ik er natuurlijk ook een beschermhoesje bij gekocht. Die hoesjes zijn verkrijgbaar in verschillende kleuren, niet enkel bij Kobo maar ook bij andere fabrikanten. Het hoesje dat ik heb aangeschaft is een zogenaamd origami-model. Je kunt het op een eenvoudige manier zodanig vouwen zodat het als boekensteun kan dienen. Je kunt de e-reader dan gewoon op een tafel of een ander oppervlak neerzetten om handenvrij te lezen.

Ik ga de komende dagen beslist wat meer lezen (en wat minder tv kijken) dan anders, zodat ik kan wennen aan mijn nieuwe e-reader en alle functies ervan uitgebreid kan ontdekken. In een vervolgartikel laat ik je binnenkort weten wat mijn ervaringen zijn. Maar na de vele positieve reviews die ik heb gelezen, heb ik er alle vertrouwen in dat ik erg in mijn nopjes zal zijn met mijn nieuwe toestel.

Voor wie eraan mocht twijfelen: de e-reader is nog lang niet dood! Voor wie graag wat vaker en wat langer leest, heeft zo’n toestel tal van voordelen ten opzichte van lezen op een smartphone of tablet. De gebruikte technologie, e-ink, wordt nog steeds verbeterd en staat garant voor een bijzonder groot leescomfort dat erg vergelijkbaar is met het lezen van een boek op papier.

gl.kobobooks.com/products/kobo-libra-h2o
www.kobo.com

woensdag 7 oktober 2015

The Martian: van gratis e-boek tot kaskraker

Sciencefiction dringt steeds meer door tot de mainstream, zeker in de film. Voor het derde achtereenvolgende jaar krijgen we een scifi-film in onze bioscoopzalen die een kassucces wordt en die niet enkel scifi-fans maar ook het grote publiek kan bekoren: twee jaar geleden was er Gravity (met Sandra Bullock en George Clooney), vorig jaar Interstellar (met o.a. Matthew McConaughey, Michael Cane, Matt Damon, Anne Hathaway en Jessica Chastain), en dit jaar het langverwachte The Martian (alweer met diezelfde Matt Damon en Jessica Chastain).

In dit blogje wil ik het echter niet zozeer over de film hebben maar over het boek, en meer bepaald over de onwaarschijnlijke manier waarop het tot stand gekomen is.

Auteur Andy Weir en zijn debuutroman The Martian

The Martian is een waar succesverhaal. Auteur Andy Weir had bij het schrijven van zijn boek, dat uiteindelijk zijn debuutroman zou worden, nooit kunnen vermoeden tot welk succes het zou leiden. Om te beginnen had hij helemaal niet de intentie om er ook maar iets aan te verdienen. Hij zette zijn boek aanvankelijk hoofdstuk per hoofdstuk op zijn blog, en wist zo heel wat lezers naar zijn site te lokken. Toen het boek in 2011 eenmaal af was, kwam al snel de vraag van lezers om het als e-boek te kunnen downloaden. Andy Weir moest even uitzoeken hoe hij dat voor elkaar moest krijgen, maar hij is een pientere kerel en plaatste al gauw een epub-bestand op zijn site. Iedereen die het wou, kon het bestand gratis en voor niets downloaden. Weir was immers helemaal niet van plan om het naar een uitgever te sturen en het te proberen verkopen.

Heel wat lezers maakten zo voor het eerst kennis met de e-boekversie van The Martian. Maar een epub-bestand downloaden van een website en het op een e-reader plaatsen is iets wat voor veel mensen toch wat te moeilijk blijkt (ja, ik weet het, het is doodsimpel, maar sommige mensen zijn nu eenmaal niet zo handig met computers). Daarom kwam al snel de vraag om het boek beschikbaar te maken in de Kindle Store van Amazon. Wanneer je een Kindle hebt, is een e-boek kopen bij Amazon kinderspel: het boek wordt immers automatisch naar je toestel gedownload; je hoeft geen kabeltje aan te sluiten en geen bestand te kopiëren. Maar via Amazon kan een auteur geen gratis e-boeken verspreiden. De minimumprijs die door Amazon opgelegd wordt, is 99 cent. Dus voortaan verkocht Andy Weir zijn e-boek voor de spotprijs van 99 cent (waarvan 30% naar de auteur gaat en 70% naar Amazon).

The Martian – coverAl gauw waren er meer exemplaren via Amazon verkocht dan er gratis van Andy’s website waren gedownload. Boeken die veel worden verkocht, verschijnen in Amazons bestsellerlijst. Hoe meer exemplaren er worden verkocht, hoe hoger een boek opklimt in de bestsellerlijst. Op die manier krijgt het boek natuurlijk nog meer aandacht, wat er op zijn beurt voor zorgt dat het nóg meer verkocht wordt. En zo werd The Martian alvast bij e-boeklezers een instant succes.

Ook uitgevers kijken natuurlijk wel eens in Amazons bestsellerlijst, en het duurde dan ook niet lang vooraleer Andy Weir door een uitgeverij gecontacteerd werd om een papieren versie en een audioversie van het boek uit te brengen. In 2013 sloot Weir overeenkomsten met Podium Publishing voor het audioboek en met Random House (Crown Publishing Group) voor de papieren uitgave. In februari 2014 verscheen het boek, en van dan af aan maakten nóg meer lezers kennis met The Martian. Binnen de kortste tijd haalde het boek de bestsellerlijst van (onder andere) de New York Times.

Je begrijpt dat dit niet de typische gang van zaken is voor een debuutroman. Vele aspirant-schrijvers hebben al vele manuscripten naar vele uitgeverijen gestuurd (en teruggekregen) alvorens ze erin slagen een boek gepubliceerd te krijgen, áls ze daar überhaupt ooit in slagen. Bij Andy Weir ging het vanzelf, en was het net omgekeerd. De uitgeverijen contacteerden hém, of ze alsjeblieft zijn boek mochten publiceren. Wat kun je je als schrijver nog meer dromen?

Maar de successtory is nog lang niet gedaan. Nog voor The Martian in de boekwinkels lag, had Weir al een telefoontje gekregen van 20th Century Fox, die een optie wou op de filmrechten. Een optie betekent nog niet dat de film daadwerkelijk gemaakt zal worden, maar op die manier verzekert de filmmaatschappij zich ervan dat de concurrentie niet met de rechten gaat lopen. Filmmaatschappijen kopen heel vaak dergelijke opties, maar slechts een kleine fractie daarvan wordt uiteindelijk verfilmd. Andy dacht dus dat het wel niet zo’n vaart zou lopen, maar het duurde niet lang vooraleer Fox een ervaren scenarist op het project zette: Drew Goddard (van Cloverfield, The Cabin in the Woods, World War Z). Even later werden onderhandelingen gestart met niemand minder dan Ridley Scott om de film te regisseren. Scott heeft zijn sporen in het genre ruimschoots verdiend met o.a. Alien en Blade Runner. Toen ook de naam van steracteur Matt Damon viel, besefte Weir dat het menens was.

The Martian – cover van de filmversieBij mijn bezoek aan Boedapest afgelopen zomer heb ik daar weinig gezien dat op een Marslandschap leek, maar dat is de stad waar een groot deel van The Martian (in een studio) verfilmd werd. Ondertussen is de film in première gegaan, en het is al meteen een net zo groot succes als het boek.

Het is een cliché dat het boek meestal beter is dan de film, maar in dit geval blijkt dat toch (gelukkig!) niet op te gaan. Ridley Scott is erin geslaagd een bioscoopversie af te leveren die zeker niet moet onderdoen voor het boek. Tenminste volgens de positieve kritieken die ik overal hoor, want ik heb de film (voorlopig) nog niet zelf gezien. Maar ook auteur Andy Weir is alvast bijzonder lovend over het resultaat.

O ja, ik zou bijna nog vergeten zeggen waar het over gaat, maar daar lees je meer over in een volgend blogje, wanneer ik het over de film zal hebben. Samengevat: in de niet zo verre toekomst wordt een astronaut voor dood achtergelaten op Mars. Maar wat blijkt? Hij leeft nog, en staat nu voor de hopeloze opdracht om zichzelf in leven te houden tot er hulp komt opdagen (en dat kan best wel even duren als je op een andere planeet zit). Gelukkig blijkt hij bijzonder vindingrijk te zijn (en een goede kennis van scheikunde te hebben).

Een hele tijd geleden al heb ik het boek gelezen (de e-boekversie uit 2014, in het Engels) en ik was helemaal in de ban van het verhaal. Het boek is alvast een echte pageturner en een bijzonder grote aanrader! Ondertussen is het ook in het Nederlands vertaald en ligt de filmversie in zowat alle supermarkten en boekhandels. Je kunt er niet naast kijken: zoek naar een cover met het hoofd van Matt Damon in een astronautenhelm. Hij ligt vast in de etalage of bij de top 10.

Andy Weir is my new hero! In onderstaand filmpje hoor je hem zelf uitleggen hoe het allemaal gegaan is.

www.andyweirauthor.com
www.galactanet.com

zondag 9 december 2012

Oh Myyy!

ohmyyyAls je, zoals ik, een Star Trek-fan bent, dan weet je ongetwijfeld wie George Takei is. Takei, een Amerikaans acteur met Japanse roots, verwierf eind de jaren ’60 bekendheid met zijn rol als Mr. Sulu in de originele Star Trek-reeks.

Takei is ondertussen 75, en zette amper twee jaar geleden zijn eerste stappen op sociaalnetwerksites: eerst Twitter, dan Facebook. Het mag dan ook een klein wonder heten dat hij vandaag de dag een van de meest invloedrijke persoonlijkheden op Facebook is. Jawel: zijn Facebookpagina heeft ondertussen al meer dan drie miljoen ‘likes’, en hij heeft een schare fans verzameld die bijzonder geëngageerd zijn.

Over dat alles heeft hij nu een boek geschreven: Oh Myyy! (een van Georges kenmerkende uitspraken), met als ondertitel: There goes the Internet! En wat meer is: George heeft, zoals het een echte digitale techneut beaamt, besloten om over te gaan tot self-publishing. Geen uitgever nodig, gewoon alles zelf doen, en uitbrengen als e-book. Nadeel is dat de lay-out er niet echt professioneel uitziet, maar een bijzonder groot voordeel is dat de auteur hierdoor de tijd tussen schrijven en publiceren drastisch heeft kunnen inkorten.

De voorverkoop ging al van start toen George nog volop bezig was met schrijven, en hij beloofde de eerste duizend intekenaars een extra hoofdstuk, exclusief voor hen. Maar hij zou het boek wel uitbrengen als een met een wachtwoord beveiligd pdf-bestand. Niet echt praktisch om te lezen op de e-reader, maar ik besloot toch om Oh Myyy! in voorverkoop aan te schaffen. Immers: ik ben een van die drie miljoen toegewijde fans van George, en ik was bijzonder benieuwd naar wat hij in zijn boek allemaal te vertellen had.

Ik heb er geen spijt van gekregen: van zodra ik de tijd had, ben ik meteen beginnen lezen, en twee dagen later had ik het boek al uit. Het was een kleine moeite om de pdf-encryptie er met een op het internet gevonden tooltje snel af te halen, zodat ik het bestand toch comfortabel op mijn Sony Reader kon lezen. (Don’t worry, George, I won’t illegally distribute your book.) Ondertussen is de officiële versie (zonder het extra hoofdstuk, weliswaar, want daar ben je nu te laat voor) beschikbaar voor de Kindle en de Nook.

Een absolute aanrader voor alle fans van George Takei, en voor iedereen die benieuwd is naar hoe je succesvol de sociale media bespeelt. Het boek is bijzonder vlot geschreven en is doorspekt met humor. Oh Myyy!

www.facebook.com/georgehtakei
www.theohmybook.com
twitter.com/GeorgeTakei

donderdag 3 november 2011

Boekenbeurs 2011

Boekenbeurs 2011Traditiegetrouw zijn we dit jaar weer naar Antwerpen gespoord voor de boekenbeurs, die in 2011 aan zijn 75e editie toe is. Op deze eerste beursdag viel het nog tamelijk mee met de drukte. 1 en 11 november en het weekend daartussenin wou ik beslist vermijden, want is het soms echt niet te doen, weet ik uit ervaring.

Meteen bij het binnenkomen splitsten we ons op. Miche ging met Annelies mee aanschuiven voor handtekeningen en foto’s. Ze gingen op zoek naar Patrick Lagrou (auteur van de Dolfijnenkind-jeugdreeks), Gert Verhulst en Walter De Donder (beter gekend als Gertje en de burgemeester) en Samson-tekenaar Jean-Pol, en Piet Huysentruyt, wereldberoemd in heel Vlaanderen van zijn SOS Piet-boeken en natuurlijk van de tv.

Gisteren ging het er trouwens nog over in Volt op één: een kwart van alle boeken die op de boekenbeurs verkocht worden, zijn kookboeken, naar het schijnt. Dat kan kloppen, want wij hebben vier boeken gekocht en een ervan was een boek van SOS Piet. Annelies gaat er enkele dingen uit proberen. Ik heb me kandidaat gesteld als proever.

Er is een tijd geweest dat ik van Antwerpen thuis kwam met meer boeken dan ik kon lezen, dus ik probeer me tegenwoordig wat in te tomen. Ik lees nog steeds bijzonder graag en ongetwijfeld veel meer dan de gemiddelde Vlaming, maar ik moet mijn vrije tijd verdelen over een heleboel hobby’s en bezigheden. Lezen is daar maar één van. Bovendien vind ik op de boekenbeurs meestal niet de boeken die ik wil.

Ik ben duidelijk een atypische lezer. Waar de gemiddelde Vlaming blijkbaar voornamelijk geïnteresseerd is in kookboeken, Vlaamse thrillers – daar is overigens niets mis mee hoor – en boeken over om het even wat als er maar een BV op de cover staat, besteed ik mijn leestijd voornamelijk aan wetenschapsboeken (fysica, astronomie, kosmologie), boeken over nieuwe technologieën (informatica, futurologie, ruimtevaart), af en toe een biografie van een wetenschapper of een acteur, en als ik wat tijd over heb een occasionele thriller, een sci-fi- of een fantasy-verhaal.

De meeste van die boeken lees ik dus in het Engels, want ze zijn vaak niet of nog niet in het Nederlands vertaald. Vroeger bestelde ik ze via Amazon, maar sedert een jaar lees ik volop e-books op mijn Sony Reader. De vele voordelen van e-books zijn duidelijk: (iets) goedkoper dan het papieren boek, geen verzendingskosten, en niet vruchteloos zitten wachten tot de postbode langs komt. Op gelijk welk moment van dag of nacht kan ik een e-book aankopen en meteen beginnen lezen. Bijkomend voordeel: ik heb geen plaatstekort meer op mijn boekenplank, want al die e-books nemen natuurlijk geen fysieke ruimte in, alleen maar enkele luttele megabytes op mijn harde schijf. En ik hef me geen breuk meer aan stapels papieren boeken, want op mijn e-reader passen er met gemak enkele honderden, misschien wel duizend.

e-readingkrantE-books zijn bij de doorsnee Vlaming nog steeds een onbekend fenomeen, maar op de boekenbeurs verscheen dit jaar zowaar een e-paviljoen, waar toch enige bescheiden aandacht besteed werd aan e-books, e-readers en tablets. Daar was ook de eerste e-readingkrant in Vlaanderen te krijgen. Een poging om de pdf-versie van de e-readingkrant te downloaden van de Boekenbeurs-website resulteerde helaas een een ‘pagina niet gevonden’-foutboodschap. Misschien moeten de organisatoren toch eerst nog maar wat oefenen met dat e-uitgeven. Wellicht zul je niet verbaasd zijn als ik zeg dat ze in de States maar ook in Nederland al véél verder staan met het hele e-readinggebeuren. Zoals gewoonlijk hinkt België ook op dit terrein weer een beetje achterop, al zullen ze dat bij Boek.be wellicht niet meteen willen toegeven.

Op de boekenbeurs heb ik voor mezelf enkel het nieuwe filmboek van Jan Verheyen gekocht. Dat boek bevat heel wat foto’s en andere grafische elementen en is daardoor niet zo geschikt om als e-book op mijn Sony Reader te lezen. Ik heb er geen enkel probleem mee om dat toe te geven. Je ziet: ondanks mijn uitgesproken voorliefde voor digitaal blijf ik ook de analoge boekindustrie steunen.

Ik had dat ene boek natuurlijk net zo goed in de plaatselijke Standaard Boekhandel kunnen kopen, daarvoor hoefde ik niet naar Antwerpen. Maar ik kan wel ontzettend genieten van de sfeer op de boekenbeurs (wanneer het niet te druk is, tenminste), en of ik ze nu koop of niet, ik neus bijzonder graag rond in al die boeken. Ik heb ook een paar titels onthouden van boeken die ik later misschien nog wil lezen, en ik heb ook erg goed gelet op de grote verscheidenheid aan covers en vormgevingen. Kwestie van wat inspiratie op te doen voor als ik zelf nog eens een boek maak...

We moeten binnenkort beslist nog eens een dagje terug naar Antwerpen, want we hebben geen tijd meer gehad om te shoppen, om naar het MAS te gaan, om een kijkje te nemen in de nieuwe Disney Store op de Meir, om eens binnen te wippen in Aquatopia en zelfs niet om de tentoonstelling over 75 jaar Boekenbeurs te bezoeken in het Letterhuis. Ik vrees dat een dag zelfs te kort zal zijn om dat allemaal te doen, dus we zullen keuzes moeten maken. Je ziet: we willen allerlei dingen doen maar hebben altijd tijd te kort. En dan te bedenken dat er mensen zijn die zich de ganse dag zitten vervelen! (Tip: lees eens een boek.)

De link naar de pdf-versie van de e-readingkrant heb ik uiteindelijk toch gevonden. Je vindt ’m hieronder:

www.boek.be
www.boek.be/sites/default/files/E-readingkrant_2011.pdf
www.boekenbeurs.be

zaterdag 18 december 2010

Typografie in e-books

Ik heb de laatste weken een hoop e-books onder ogen gekregen. Sommige zijn gratis public domain-boeken die ik van Project Gutenberg heb gedownload, andere zijn boeken die ik in een e-bookstore heb aangekocht (o.a. Kobo, ebook.nl), nog andere zijn boeken die auteurs op hun eigen website aanbieden. Voor de goede orde: het gaat hier telkens om epub-bestanden, dus geen pdf.

Van al die boeken zijn er slechts bitter weinig die voldoen aan de gangbare typografische standaarden. In de meeste gevallen laten verscheidene typografische aspecten heel wat te wensen over, in tegenstelling tot de klassieke papieren boeken, waar doorgaans weinig op aan te merken valt. Hieronder geef ik een lijstje van de dingen die mij het meeste storen, telkens met twee voorbeelden (schermafdrukken gemaakt via Adobe Digital Editions): eenmaal zoals het niet moet en eenmaal volgens de regels van de kunst.

Aanhalingstekens en gedachtestreepjes

Vaak worden de rechte aanhalingstekens gebruikt ('...' en "...") in plaats van gekrulde aanhalingstekens (‘...’ en “...”). Rechte aanhalingstekens doen denken aan een antieke schrijfmachine. In professioneel drukwerk horen gekrulde aanhalingstekens (en weglatingstekens) te staan.

Rechte of gekrulde aanhalingstekens

Vaak worden koppeltekens (-) gebruikt in plaats van gedachtestreepjes (–). Ook een oude schrijfmachinegewoonte.

Koppeltekens of gedachtestreepjes

Uitvullen zonder afbreken

Vaak wordt de tekst uitgevuld zonder dat lange woorden afgebroken worden aan het einde van de regel, wat resulteert in heel wat regels met veel te grote spaties tussen de woorden. Dat is allerminst bevorderlijk voor de leesbaarheid. Omdat vrijwel geen enkele e-reader die vandaag op de markt is over ingebouwde afbreekalgoritmen beschikt, is uitvullen in epub-bestanden dus ten sterkste af te raden. Niet uitgevulde, links uitgelijnde tekst leest overigens veel prettiger, vind ik.

Uitvullen of links uitlijnen

Cursieve lettertypen

De meeste e-books bevatten geen ingesloten lettertypen. De reader geeft de tekst dan weer met een ingebouwd standaardlettertype. Cursieve tekst wordt elektronisch schuin gezet, wat in een geschreefd lettertype meestal een bijzonder lelijk resultaat geeft. In professionele typografie wordt gebruik gemaakt van aparte fonts voor cursief. Hetzelfde geldt overigens voor vet, maar daar valt het niet zo op; het verschil is bij cursief het duidelijkst te zien.

Schuingedrukt of echt cursief

Blanco regels tussen de alinea’s

Vaak staan er onnodige blanco regels tussen de alinea’s. In een doorlopende tekst, zoals een roman, is dat storend, zeker wanneer er veel met korte alinea’s van een of twee regels gewerkt wordt, zoals bij dialogen:

Blanco regels; geen insprong bij het begin van een alinea

In papieren romans vind je dat nooit. Daar is het gebruikelijk om de alinea’s zonder blanco regels op elkaar te laten aansluiten, met een kleine insprong aan het begin van iedere nieuwe alinea:

Geen blanco regels; insprong bij het begin van een alinea

Conclusie

Bij e-books die niet via een professionele uitgeverij tot stand zijn gekomen, zijn deze fouten nog enigszins verschoonbaar. Auteurs die hun eigen e-books aanbieden of vrijwilligers die public domain-boeken naar het epub-formaat omzetten, hebben meestal niet de nodige typografische en/of technische kennis. Al vind ik wel dat ze toch wat meer moeite zouden moeten doen om hun werk op een keurige manier te presenteren.

Van e-books die door uitgeverijen aangeboden worden, zou je toch zeker dezelfde typografische kwaliteit als in een papieren boek mogen verwachten, en ik moet helaas vaststellen dat dat lang niet altijd het geval is. Ik kan hieruit alleen maar concluderen dat de uitgeverijen het elektronisch uitgeven nog wat stiefmoederlijk behandelen. Gauw even converteren en de kous is af. Kwaliteitscontrole achten ze niet nodig. Als het maar leesbaar is.

Lezers van e-books worden blijkbaar nog niet altijd serieus genomen. Hebben zij dan geen recht op dezelfde kwaliteit die voor papieren uitgaven als vanzelfsprekend beschouwd wordt?

Ik moet een en ander toch ook een beetje relativeren: de kans is groot dat heel wat modale lezers zich daar allemaal niet aan storen en al die mankementen niet eens opmerken – wellicht vinden ze mij een muggenzifter. Maar typo-nerds als ik kunnen zich hier mateloos aan ergeren.

Mijn oplossing

Omdat ik dus nogal een pietje-precies ben en een beetje kan programmeren, heb ik snel even een Perl-scriptje gemaakt om mijn epub-bestanden te fatsoeneren alvorens ik ze op mijn reader zet en begin te lezen. Mijn scriptje zorgt ervoor dat een aantal lettertypen ingesloten worden (zodat ik straks echte cursieven te zien krijg), converteert rechte naar gekrulde aanhalingstekens (en weglatingstekens), vervangt uitgevulde tekst door links uitgelijnde tekst en vervangt koppeltekens door gedachtestreepjes waar van toepassing. Als er storende elementen in de lay-out zitten, pas ik daarna handmatig de CSS-stijlen aan. Daarvoor maak ik gebruik van Sigil, een gratis epub-editor.

Eén probleempje nog: de via een e-bookstore aangekochte e-books zijn doorgaans beveiligd met Adobe DRM (digtal rights management), waardoor je de bestanden niet zomaar kunt aanpassen. Die DRM moet er dus eerst afgehaald worden. Een echt probleem is dat niet, want de nodige Python-scripts zijn makkelijk op het internet te vinden (met dank aan i♥cabbages). DRM is bedoeld als een beveiliging tegen piraterij, maar in de praktijk is het alleen maar hinderlijk voor de reguliere gebruikers. De DRM verhindert hen immers om het bestand op meerdere readers te gebruiken, te converteren naar andere bestandsformaten of om het in een webbrowser te lezen als ze dat zouden willen (bijvoorbeeld met de Firefox-addon EPUBReader of via een cloud service als Ibis Reader). Voor de piraten is het omzeilen van DRM kinderspel, dus die hou je er niet mee tegen. Er gaan dan ook vele stemmen op om DRM gewoon af te schaffen.

Ik gooi de DRM dus meteen van al mijn aangekochte ebooks. Niet omdat ik het bestand illegaal wil verspreiden (doe ik niet, ik ben een eerlijke gebruiker), maar omdat ik er de typografische schoonheidsfoutjes wil kunnen uithalen om het boek in optimale omstandigheden te kunnen lezen.

Slechts héél af en toe kom ik een e-book tegen waar niets op aan te merken valt. In dat geval blijf ik er natuurlijk netjes af.

Koppelingen

code.google.com/p/epubcheck
code.google.com/p/sigil
www.adobe.com/products/digitaleditions
www.ebook.nl
www.epubread.com
www.gutenberg.org
www.ibisreader.com
www.kobobooks.com
www.threepress.org/document/epub-validate

maandag 22 november 2010

Gratis e-books

Sedert ik mijn e-reader heb, ben ik eens op zoek gegaan naar gratis e-books. Ik heb er inmiddels al een heleboel gevonden. Gewoon legaal, welteverstaan, want gratis hoeft natuurlijk geen synoniem te zijn met illegaal (ja, illegale e-books zijn er natuurlijk ook, en wie weet wat torrents zijn heeft ze zo gevonden).

Af en toe is er dus een schrijver of uitgever die een nieuw boek onder de aandacht wil brengen door, al of niet tijdelijk, de e-bookversie gratis op het net te gooien (zoals onlangs nog 15 minuten van Maaike Schutten, of What matters now van Seth Godin). En tot eind dit jaar kun je nog iedere week een gratis boek krijgen op www.eBookstick.nl. Soms vragen de milde schenkers een kleine tegenprestatie: wil je het bestand downloaden, moet je daar dan eerst melding van maken via Twitter of Facebook; pay with a tweet heet dat. Op die manier maak je wat promotie voor het boek dat je hebt gedownload. Een kleine tegenprestatie, en het kost je niets. Ook bij Copia (www.thecopia.com), een nieuw social e-readingplatform, kun je gratis enkele boeken krijgen die elders gewoon worden verkocht. Maar dan moet je wel eerst een account aanmaken.

Je vindt ook makkelijk een hoop klassiekers waarvan het copyright al lang verlopen is en die dus vrij verspreid mogen worden. Zo heb ik op www.epubbooks.com en op Project Gutenberg (www.gutenberg.org) een heleboel boeken gedownload van schrijvers als Charles Dickens, H.G. Wells, Jules Verne, Lewis Carroll, R.L. Stevenson, Mark Twain en Arthur Connan Doyle, om er maar enkelen te noemen. Heel wat van die klassiekers heb ik weliswaar in mijn jeugd al gelezen, maar een hoop andere nog niet, en die achterstand wil ik nu inhalen. Het grootste aanbod van gratis boeken is uiteraard Engelstalig, maar Project Gutenberg heeft ook een redelijk aanbod in andere talen.

Eén ding is me in ieder geval duidelijk geworden: ik ga de komende tijd wat meer lezen en wat minder tv kijken (of wat minder slapen)…

www.ebookstick.nl
www.epubbooks.com
www.gutenberg.org
www.paywithatweet.com
www.thecopia.com

zondag 14 november 2010

E-reader

Sony PRS-650Ik heb m’n nieuwe e-reader nu zowat een week, dus tijd voor een eerste evaluatie. Ik ben alvast erg enthousiast over mijn bordeauxrode Sony PRS-650. Het toestel is compact, licht, oogt mooi en de bediening via het touch screen is erg gebruiksvriendelijk. In het interne geheugen kan ik een massa boeken opslaan. Het is mooi meegenomen dat ik er ook foto’s en mp3’tjes op kwijt kan, maar daar heb ik het toestel niet in eerste instantie voor gekocht.

Ik heb hier natuurlijk wel nog een stapeltje ouderwetse papieren boeken (‘p-books’) liggen die ik ook nog wil lezen, maar nieuwe boeken koop ik voortaan bij voorkeur als e-book. Voor iemand die veel leest en dat graag overal doet (op het werk tijdens de lunchpauze, in de wachtkamer bij de tandarts, op de trein of de bus, bij een kopje koffie in een tea room, en natuurlijk ook gewoon thuis) is zo’n e-reader een reuze handig apparaat. Je kunt het makkelijk overal mee naartoe nemen en hebt altijd meerdere boeken bij de hand (ja, ik lees soms meerdere boeken tegelijk). Het apparaat onthoudt van ieder boek precies waar je gebleven was, je kunt de lettergrootte naar eigen smaak aanpassen, en als je de betekenis van een woord niet kent, dan zoek je het gewoon op in een van de ingebouwde woordenboeken.

Laat het duidelijk zijn dat zo’n e-reader absoluut geen vervanger is voor een iPad of andere tabletcomputer. Een iPad is een volwaardige computer waar je een massa verschillende dingen mee kunt doen (onder andere e-books lezen); een e-reader daarentegen heeft eigenlijk maar één toepassing: je kunt er boeken (en andere teksten) op lezen. Door de mp3-functie kun je dat uitbreiden naar luisterboeken (audio books). Door de geringe afmetingen is het ook echt een toestel dat je makkelijk mee kunt nemen. Met een iPad, die een stuk groter is, lukt dat iets minder goed. Nog een voordeel van de e-reader is dat hij niet over een glanzend lcd-scherm beschikt, maar een compleet andere schermtechnologie gebruikt, die ‘elektronisch papier’ (e-paper) of ‘elektronische inkt’ (e-ink) genoemd wordt. Daardoor verbruikt het toestel veel minder energie – met een volle batterij kun je makkelijk twee weken lezen –, en kun je ook zonder problemen buiten op een terrasje in volle zonlicht gaan zitten lezen. Een iPad verandert in die omstandigheden in een spiegel, maar mijn e-reader leest dan nog net zo lekker als een papieren boek. Bij Amazon hebben ze daar overigens een leuk filmpje van gemaakt om hun e-reader, de Kindle, te promoten:

Wordt vervolgd.